Alan Greenspan, Turbulente tijden. Zonder meer interessant. Het eerste deel is een fascinerend tijdbeeld. Hoe zich langzamerhand een ‘inner circle’ van macht en invloed vormt. In het tweede deel laat Greenspan zijn visie los op de economie in de meest brede zin van het woord: ‘globalisering’, ‘corporate governance’, de kredietcrisis, onderwijs, enzovoort. Wordt na verloop van tijd wat saai. Wel opvallend is het hoe genuanceerd Greenspan denkt.
Naomi Klein, De Shockdoctrine. Over de mythe van de vrije markt en het spoor van verwooesting dat de volgers ervan trekken. Zware kost, en dat ligt niet alleen aan het onderwerp maar ook aan de schrijfstijl. Hier een kleine voorbeschouwing.
Stanley Bing, De BV Rome. Nogal flauw boek van een toch gerenommeerd columnist (Fortune). Aan de hand van de Romeinse geschiedenis wil Bing de huidige managementpraktijken verklaren en verlichten. Bedoeld als satire maar ontaardt in meligheid dat eigenlijk nergens toe dient. Hopelijk geen vervolg onder de titel de BV Athene.
Bill Bryson, Notes from a Small Island. Bekroond boek dat volgens critici niet alleen de verloedering maar ook de volksaard van Engeland fraai weergeeft. Opmerkelijk genoeg een van zijn minste boeken. Maar misschien schrijft hij wel zo dicht op de huid dat alleen lezing van een boek al voldoende graadmeter is of je een land leuk vindt of niet.